KERNgezond: ‘Controle over eetgedrag trainen met een actieve work-out?’

KERNgezond: ‘Controle over eetgedrag trainen met een actieve work-out?’

19-11-2015

Naast de oudertraining die ik besproken heb in mijn vorige blog, testen we binnen KERNgezond ook een training die zich specifiek richt op kinderen. Graag vertel ik wat meer over deze training.

Anno 2015 leven kinderen in een dikmakende samenleving, waarin een overvloed aan lekker, calorierijk eten aanwezig is. Het kost vaak zelfcontrole om dit lekkere eten te laten staan. Uit onderzoek blijkt dan ook dat mensen met minder zelfcontrole minder goed tegen deze verleidingen zijn opgewassen, meer snacks eten en vaker overgewicht hebben. Ook bij kinderen is de samenhang tussen zelfcontrole, eetgedrag en overgewicht veelvuldig aangetoond.

Er bestaan tegenwoordig computertrainingen die helpen om de zelfcontrole te verbeteren. Een dergelijke training leert mensen bijvoorbeeld om de reactie op ongezond eten te onderdrukken, terwijl reacties op sportieve activiteiten juist worden beloond. Er wordt dus een associatie gelegd tussen ongezond eten en het onderdrukken van de natuurlijke reactie hierop. Deze vaardigheid zou dan moet zorgen voor verminderde consumptie. Het nadeel van de bestaande training is echter dat het weinig fysieke activiteit vereist en zittend gedrag stimuleert, terwijl voor een gezonde levensstijl beweging juist heel belangrijk is.

Deze beperking kan opgelost worden door gebruik te maken van moderne computerspeltechnologie, zoals bijvoorbeeld Kinect. Kinect is een moderne technologie die zorgt voor een game- en ontspanningservaring zonder gebruik van een controller. De bewegingen die de speler maakt zijn terug te zien op het scherm en sturen het spel aan.

Op de Universiteit Maastricht is een zelfcontrole training ontwikkeld die gebruik maakt een dergelijke technologie. Deze training is nog niet getest bij kinderen en de samenwerking tussen KERNgezond, Chantal Nederkoorn en mij maakt het mogelijk om te onderzoeken hoe kinderen reageren op een dergelijke computertraining. En wat is er nu leuker voor kinderen dan het spelen op de KINECT onder schooltijd?

De training

Tijdens de eerste fase van de zelfcontroletraining laat een avatar (een sportinstructrice in het spel) eerst zien wanneer en welke beweging uitgevoerd moet worden. Zo leert het kind bijvoorbeeld om de linkerknie op te tillen als er een foto aan de linkerkant van het scherm wordt aangeboden en de rechterknie op te tillen als er een foto aan de rechterkant wordt aangeboden. Er bestaan op dit moment 5 verschillende modules, waarbij 5 verschillende bewegingen worden aangeleerd.

In de tweede fase leert het kind om zo snel mogelijk te reageren op een foto met een groene rand (Go-signaal) en juist niet te reageren op een foto met een rode rand (No-Go signaal). Een snelle reactie levert meer punten op dan een langzamere reactie. Het kind oefent dit enkele malen, waarna de echte taak begint. Hij of zij krijgt vervolgens 100 verschillende foto’s van calorierijk, lekker eten en 100 foto’s van sportieve activiteiten te zien en moet hier wel of niet op reageren. Tijdens de zelfcontrole training worden de foto’s van eten altijd aangeboden met een rode rand (No-go signaal) en de foto’s van sportactiviteiten met een groene rand (Go-signaal). Er wordt in deze training dus een associatie gelegd tussen snacks en stoppen en tussen sport en gaan. Met andere woorden, kinderen leren dat snacks samengaan met stoppen en dat sport samengaat met gaan. De kinderen die deelnemen aan de zelfcontrole training worden vergeleken met kinderen die deelnemen aan een zogenaamde placebo-training. In de placebotraining worden beide type foto’s 50% met een rode en 50% met een groene rand aangeboden. In deze conditie wordt er dus geen associatie gelegd tussen de inhoud van de foto’s en wel of niet mogen bewegen.

De kinderen in beide groepen volgen de training op 2 achtereenvolgende schooldagen, ongeveer 15 minuten per keer. Elk kind krijgt dus twee trainingen. Wanneer er een associatie is gelegd tussen ‘stoppen’ en ‘snoepen’ verwachten we dat kinderen minder snel reageren op aantrekkelijk voedsel en de consumptie daarvan verminderen. Het laatste onderzoeken we door alle kinderen meteen na de tweede training (zowel de zelfcontrole- als placebo-training) bloot te stellen aan twee gezonde snacks (komkommer en druiven) en twee ongezonde snacks (M&Ms en chips) die ze onbeperkt mogen proeven. We herhalen dit een week later nog een keer, om te kijken of er sprake is van een langer durend effect.

Wanneer de zelfcontroletraining effectief is, verwachten we te vinden dat kinderen die de zelfcontroletraining gevolgd hebben minder gaan eten in het algemeen of zelfs minder eten van de ongezonde snacks dan kinderen die de placebotraining gevolgd hebben. We hopen dit effect niet alleen meteen ná de tweede training, maar ook een week later nog te vinden.

Op dit moment hebben ongeveer 70 kinderen een van beide trainingen gevolgd. Robin, Lynn en Stephanie zijn nu bezig met de laatste metingen. Ze hebben de afgelopen weken dus keihard gewerkt om alle kinderen te testen. Een hele klus, maar ze hebben het super gedaan! De verwachting is dat we eind november helemaal klaar zijn en aan de slag kunnen met de analyses en kunnen gaan bepalen of de training effectief is. Spannend!

opstelling2

De testopstelling die we gebruiken. Klik HIER voor een (kort!) filmpje van de training. Vanwege de privacy van de kinderen heb ik alleen het scherm opgenomen.